Archive | Achtergronden RSS feed for this section

Vervuiling door Texaco in Amazonegebied nog altijd ongestraft

amazone 

‘Wherever you go, go Texaco’

De grote olieconcerns in de wereld beconcurreren elkaar hevig om de schaarse nieuwe olievelden in de wereld. In de race om een zo gunstig mogelijk contract worden alle middelen ingezet die er zijn. Maar het gaat minder gemakkelijk dan vroeger. Shell ondervond grote weerstand van de Russische overheid in de aanloop van het Sakhalinproject.

Shell heeft op 10 januari 2010 na een door de Irakese overheid georganiseerde veiling het exclusieve recht gekregen om tot winning van olie in het Majnoon-olieveld bij Basra over te gaan. De situatie in Irak is eerder uitzondering dan regel. Lokale overheden die steviger in het zadel zitten, spelen de olieconcerns steeds vaker tegen elkaar uit en traditionele machtsposities verdwijnen. Het Franse Total, ooit oppermachtig in Afrika, moet steeds vaker concurrentie van andere spelers accepteren. De toegenomen vraag naar olie en andere grondstoffen in China heeft ervoor gezorgd dat veel overheden in Afrikaanse en Latijnsamerikaanse landen contracten met Chinese ondernemingen verkiezen boven westerse bedrijven. In de eerste plaats omdat deze landen geen negatieve koloniale associatie hebben met China, maar ook vanwege de twijfelachtige staat van dienst van veel grote westerse olieconcerns.

Een goed voorbeeld van de imagoschade die westerse bedrijven in Latijns Amerika zijn opgelopen is het nu al 16-jarige conflict tussen Chevron en de bewoners van het Amazonegebied in Ecuador. De bewoners van deze regio hebben reeds in 1993 Texaco, dat in 2001 door Chevron werd overgenomen, gedagvaard voor de rechtbank in New York vanwege grootschalige milieuvervuiling in het Ecuadoriaanse Amazonegebied, veroorzaakt door het op grote schaal dumpen van ruwe olie in de regio. Deze praktijken zijn doorgegaan tot het vertrek van Texaco in de jaren ’90. De ruwe olie wordt nog altijd zichtbaar aangetroffen in de bodem en in het water. Kanker en andere ziekten komen frequent in de regio voor. De schadevergoeding die de bewoners van Chevron eisen, is dan ook niet gering: het gaat om een bedrag van 27 miljard US dollar.

Nu, in 2010, is het conflict nog altijd onopgelost. Zelfs naar Latijnsamerikaanse maatstaven is de duur van de procedure erg lang. De oorzaken daarvoor zijn legio: de complexiteit van het geschil en de vaststelling van omvang de schade, politieke belangen en uiteraard de procedurele middelen die worden aangewend door Chevron om de zaak te vertragen. De nieuwste strategische zet van Chevron is om het geschil, net voordat een vonnis zou worden gewezen, aanhangig te maken bij het Permanente Hof van Arbitrage in Den Haag. De juridische grondslag hiervoor is het Bilatale Investeringsverdag tussen de Verenigde Staten en Ecuador. De stellingen van Chevron hebben als strekking dat Ecuador geen mogelijkheid zou bieden tot een goede verdediging van de zaak. Kortom, Ecuador zou geen ‘rule of law’ kennen. Dit is een zware aantijging, want het suggereert dat Ecuador geen onafhankelijke rechterlijke macht zou hebben om het geschil op adequate wijze te berechten.

De stap van Chevron om de zaak naar arbitrage te verwijzen, is wellicht juridisch te beargumenteren, maar wekt niettemin verbazing. Op het moment dat deze in 1993 voorkwam in New York, verkoos Chevron immers zelf ervoor om deze door te verwijzen naar het gerecht in Ecuador. Vervolgens heeft Chevron getracht met de Ecuadoriaanse overheid tot een regeling te komen van het geschil. Zo werden terwijl het geschil nog voor de rechter lag, verschillende afspraken gemaakt met de overheid van Ecuador. Zo heeft Chevron voor 40 miljoen dollar het vervuilde gebied schoongemaakt. Ook zou de Ecuadoriaanse overheid Chevron hebben gekwijt van iedere verdere aansprakelijkheid na deze schoonmaak. Maar het probleem voor Chevron is dat de wederpartij, de 30.000 bewoners, in beginsel niets te maken hebben met de overheid in een civielrechtelijk geding tegen Chevron.

Deskundigenonderzoek heeft overigens aangetoond dat deze schoonmaak onvoldoende was, en dat voor het geheel opheffen van de schadelijke gevolgen van de oliedump tenminste 16 miljoen dollar zijn gemoeid. Chevron, iedere vorm van aansprakelijkheid ontkennend, volhardt in het standpunt dat de toenmalige lokale partner van Texaco, Petroecuador, verantwoordelijk zou zijn voor de olievervuiling. Door toenemende media-aandacht voor de zaak in de Verenigde Staten en het aantreden van de linksgezinde president Correa in Ecuador, zijn de kansen voor een buitengerechtelijke regeling met de overheid echter langzaam geslonken. Chevron heeft daarom de laatste twee jaar getracht de partijdigheid van de Ecuadoriaanse rechterlijke macht aan te tonen, onder meer door middel van video-opnames van gesprekken met de behandelende rechters. Uit die gesprekken zou naar voren komen dat de behandelende rechters vooringenomen waren. Los van het feit dat de videobeelden nogal vaag zijn, is het is de vraag of dergelijke bewijsmiddelen kunnen worden toegelaten in het geschil. Het heeft er immers alle schijn naar dat Chevron deze beelden op onrechtmatige wijze heeft verkregen.

Het in diskrediet brengen van de rechterlijke macht is de nieuwste stap van Chevron in het langslepende conflict, dat nu het derde decennium binnengaat. Waar Chevron, in politiek gunstiger tijden, gokte op een regeling met de Ecuadoriaanse politiek, vetrouwt het bedrijf daar niet meer op. Maar wil het Permanente Hof van Arbitrage ontvankelijk zijn voor de behandeling van het geschil, dan moet er sprake zijn van een geschil met de Ecuadoriaanse overheid zelf. En de kans bestaat dat het Hof van Arbitrage in Den Haag Chevron niet ontvankelijk zal verklaren vanwege het feit dat de wederpartij 30.000 bewoners van het Amazonegebied betreft, en dus niet de overheid, maar ook gezien de huidige vergevorderde stand van zaken. Dan zijn er nog allerlei andere, meer technnisch-juridische argumenten te vinden in de UNCITRAL-regels en het Bilaterale Investeringsverdrag, die tot de conclusie kunnen leiden dat arbitrage nu niet meer mogelijk is. Maar voordat het Hof van Arbitrage tot een dergelijk oordeel komt, is de zaak alweer met enkele maanden zoniet jaren vertraagd. En dan kan Chevron nog altijd in hoger beroep. En dan kan het bedrijf weer proberen om de zaak bij een ander forum te leggen.

Zo hebben de 30.000 burgers in het Amazonegebied anno 2010 nog steeds geen zicht op een verbetering van hun situatie en zullen zij de komende jaren moeten leven met de schadelijke gevolgen van de oliedump. En zo is de voor Chevron kennelijk zo belangrijke ‘rule of law’, na het afleggen van haar procedurele vermomming toch vooralsnog niets anders gebleken dan het aloude recht van de sterkste.

Peter Bruns

 

Margarita-gate en de nieuwe Wereldorde

 

iran oorlog

Bovenstaande foto: Een bombardement door de  Amerikanen (als bondgenoten van Irak) van een Iraans fregat op 18 April 1988 tijdens de Irak-Iranoorlog. Die oorlog kostte tussen 1980 en 1989 naar schatting 1,6 mijoen mensen het leven.  Irak had na afloop van de oorlog een groot militair overwicht in de regio. De Verenigde Staten hadden in de loop van die oolorg hun troepenmacht in de regio al stelselmatig opgebouwd in Saudi-Arabie, tot grote ergenis van de wahhabistische moslims, die de aanwezigheid van ongelovige soldaten in het land van de heilige plaatsen van de Islam als een belediging opvatten. Na de invasie van Koeweit door Irak en de Golfoorlog, werd de Amerikaanse aanwezigheid in de regio nog sterker , wat ertoe leidde dat radicale moslims in 1993 hun eerste aanslag pleegden op het World Trade Center. Een paar maanden na de hier getoonde foto zou het Nederlands voetbalelftal overigens Europees Kampioen worden na een glansrijke overwinning op onze ergste ‘vijanden’ in die tijd: de moffen. Even ‘back to the eighties’: Terwijl de Irakezen met het op Koerdische dorpen uitgeteste gas aanvallen deden in de loopgraven in Iran, scandeerden wij vanaf de tribunes dat die moffen oma’s fiets nu eindelijk eens moeten teruggeven.

Het is niet meer wat het geweest is. Profeten ook niet. Hadden we vroeger nog Jezus, of dan tenminste John Lennon, tegenwoordig moeten we het doen met nep-hippies als Bob Sinclair met zijn ‘Love Generation’. De profeet van de moderne geopolitiek, Samuel Huntington, gaat wat dieper. Hij beschreef in zijn wereldberoemde boek the Clash of Civilizations and the Remaking of World Order uit 1997 de spanningen die na het einde van de Koude Oorlog zouden onstaan tussen culturen. Nu ben ik slechts een amateur, maar hoe goed zijn boek ook is, toch is zijn theorie naar mijn mening te absoluut. Huntingdon probeerde een  soort klimaatsysteem voor culturen te ontwikkelen, zonder in te gaan op de fundamentele verschillen en conflicten binnen op het oog dezelfde beschavingen.

De kracht van de theorie is tegelijkerijd de zwakte. Want niet alle conflicten in de huidige wereld vinden plaats tussen beschavingen, zoals deze door Huntington zijn geclassificeerd, maar juist tussen beschavingen. Nu zag Huntington dit zelf ook wel in, al behandelt hij dit opmerkelijke fenomeen niet. Terwijl toch veel conflicten plaatsvinden binnen dezelfde ‘beschavingsgebieden’ zoals deze door Huntington werden geklassificeerd, laat hij deze buiten beschouwing.

Zo biedt Huntingtons theorie geen verklaring voor het conflict tussen shiíten en soennieten in Irak, de oorlog tussen Iran en Irak uit de jaren ’80, het conflict tussen moslims in Darfur, de Marokkaanse illegale bezetting van West-Sahara of het Russisch-Georgische conflict van 2008. Volgens Huntington vallen Rusland en Georgie namelijk binnen hetzelfde “Orthodoxe beschavingsgebied”.

Op andere punten biedt Huntington wel antwoorden. Bijvoorbeeld op de vraag waarom recente Eta-aanslagen in Spanje als minder bedreigend worden ervaren dan een mislukte aanslag in  een vliegtuig naar Detroit. Of waarom de moslims wel demonstreren tegen de inval in Irak, maar niet tegen de eigen autoritaire regimes -als zij daarvoor tenminste de kans krijgen (- recente ervaringen in Iran laten zien dat demonstraties in dit land met het leven kunnen worden bekocht en dat het voor de overheid van dit Neo-perzische wereldrijk altijd prettiger is om de aandacht voor interne conflicten af te leiden met de bliksemafleider die Israel of Amerika heet). Huntingdon geeft antwoord op de vraag waarom door de regimes in het Midden Oosten de oorlog tussen Iran en Irak van 1980 tot 1989 (de ‘Eerste Perzische Golfoorlog’), met ongeveer 1,6 miljoen doden, als minder ernstig wordt ervaren dan de Westerse inval in Irak in 2003 of het optreden van Israel in de Palestijnse gebieden. Liever een dictator van eigen bodem, dan een bevrijder uit het Westen, is kennelijk het devies. In Saudi-Arabie, Iran, Syrie en Egypte zijn al decennia autoritaire regimes aan de macht, vergelijkbaar met het regime van Saddam Hoessein. Maar deze worden al decennia gesteund door het westen. Maar de opportunistische bondgenoten uit het verleden, zijn geworden tot de huidige vijanden. Dit gold voor Saddam Hoessein, die eens de bondgenoot was van de VS eveneens. En ook voor de Talibaan, die door de Amerikanen werden gesteund in de oorlog tegen de Sovjet-agressors in de jaren ’80 in Afghanistan.

De grote fout die de Verenigde Staten dan ook heeft gemaakt is te denken dat men in Irak zat te springen om interventie. Ook Nederland is daarin meegegaan. Huntington zelf waarschuwde al voor het niet realistische optimisme waarmee werd gedacht dat de bevolking in Irak ‘bevrijd’ zou willen worden en democratie zou omarmen. Mede daarom werd Huntington ook door president Bush dan ook uiteindelijk aan de zijlijn gezet. Met alle gevolgen waarvan de contouren nu pas zichtbaar worden. De Nederlandse regering heeft blindelings de Amerikaanse politiek gevolgd, zonder een adequate afweging van de politiek en volkenrechtelijke implicaties. Volgens premier Balkenende hield de Margarita-kwestie hem zodanig in de greep dat er weinig ruimte overbleef voor die afweging van belangen, die te maken hebben met leven en dood, maar ook met de gelooofwaardigheid van het Nederlandse buitenlandse beleid zelf.

De gevolgen van de Irak-oorlog, of eigenlijk de ‘Derde Perzische Golfoorlog’ komen langzamerhand in beeld. De nog altijd onopgeloste Koerdische kwestie. De versterking van de positie van Iran in de regio. Duizenden, zo niet honderdduizenden doden. Meer dan een miljoen vluchtelingen. En last but not least een diep gevoel van vernedering in de gehele moslimwerelde
En dan is er nog Afghanistan, waar Nederland dacht ‘the hearts and minds’ van het Afghaanse volk te winnen. Ook hier zijn de gevolgen van de inval grovelijk onderschat. Iedere school die verrijst met westerse hulp, wordt even later weer gebombardeerd. En al zijn de Nederlandse bedoelingen goed, iedere vorm van hulpverlening wordt door de Afghanen gezien als een vernedering. Want het is voor de Afghanen nogal pijnlijk om hulp te krijgen van mensen die weliswaar rijk zijn maar geen zelf geloof meer hebben. Voor christenen hadden ze nog een zeker respect, voor mensenrechten des te minder. Liever onderdrukking door de Talibaan, dan bevrijd te worden door ongelovigen is ook hier het devies.
Van de bergen in Afghanistan terug naar sprookjesland Nederland. Ons land heeft in de Grondwet staan, dat de handhaving van de internationale rechtsorde een kernpunt is van de hele existentie van ons land zelf. Nederland heeft altijd al, als relatief klein land tussen grote buren en met een sterke handelspositie, gehamerd op de normen van internationaal recht. Hugo de Groot schreef zijn boek over het oorlogsrecht, in een tijd dat de positie van Nederland van alle kanten werd bedreigd door buitenlandse grootmachten zoals Spanje, Frankrijk en Engeland. Het is daarom beschamend dat Balkenende, met zijn voortdurende discussies over normen en waarden, de internationale rechtsnormen die verankerd zijn in onze Grondwet, afdoet als onduidelijk. Alsof een verschil van inzicht over de interpretatie van die volkenrechtelijke normen de gehele discussie daarover overbodig zou maken. 

Bovendien kan het juridische achterhoedegevecht nu beginnen met betrekking tot de vraag of de regering de Grondwet heeft geschonden door niet de gehele Staten-Generaal, dus zowel de Eerste als de Tweede Kamer niet – of voor wat betreft de Tweede Kamer onvoldoende - te betrekken bij de besluitvorming. Artikel 100 van de Grondwet luidt immers:

lid 1. De regering verstrekt de Staten-Generaal vooraf inlichtingen over de inzet of het ter beschikking stellen van de krijgsmacht ter handhaving of bevordering van de internationale rechtsorde. Daaronder is begrepen het vooraf verstrekken van inlichtingen over de inzet of het ter beschikking stellen van de krijgsmacht voor humanitaire hulpverlening in geval van gewapend conflict.
lid 2. Het eerste lid geldt niet indien dwingende redenen het vooraf verstrekken van inlichtingen verhinderen.
In dat geval worden inlichtingen zo spoedig mogelijk verstrekt.

Het lijkt er stevig op dat Balkenende deze bepaling heeft geschonden. En indien sprake zou zijn geweest van dringende redenen om inlichtingen niet te verschaffen, heeft Balkenende 7 jaar lang die informatie proberen tegen te houden. En aangezien het hier onze hoogste wet betreft, is een schending van dit wetsartikel heel wat ernstiger dan bijvoorbeeld de ‘schijn van belangenverstrengeling’ die oud-burgemeester Leers van Maastricht over zichzelf heeft afgeroepen. Toch is Leers reeds daarom afgetreden, terwijl premier Balkenende -als onkruid dat niet vergaat - alweer wacht tot de bui van Commissie Davids is overgewaaid. Dit terwijl schending van de Grondwet, ook in civielrechtelijke zin een onrechtmatige daad oplevert. En dan onrechtmatig ten opzichte van het gehele Nederlandse volk. Want de Staten-Generaal vertegenwoordigen het gehele Nederlandse volk (art. 50 Grondwet). En zodra de vertegenwoordiger wordt belogen, wordt de vertegenwoordigde bedrogen.

Dit is nog maar onze eigen Grondwet. Dan hebben we nog het internationaal recht. De volkenrechtelijke basis voor buitenlandse interventie is immers, als geen sprake is van een humanitaire ramp zoals in Haiti, slechts geoorloofd in het kader van een besluit door de Verenigde Naties. Maar er zijn genoeg gevallen bekend waarin het ontbreken van een mandaat door de vingers werd gezien. Natuulijk gaat het uiteindelijk allemaal om politieke afwegingen, dat heeft iedere burger wel door. Maar het is wel verbazingwekkend dat iemand zoals Balkenende die het hoog opheeft met normen en waarden na een brainstormsessie van 45 minuten de inval heeft ondersteund zonder een zorgvuldige afweging daarover.

Zo levert Balkenende zijn eigen bijdrage aan de ondersteuning van de theorie van de Clash of Civilizations in het Midden-Oosten. Want nu hebben de mensen in dat deel van de wereld weer een extra argument in handen om te blijven beweren dat alle ellende in hun werelddeel komt door de eeuwige imperialistische bemoeizucht door het westen. En zij concluderen nu dat het westen inderdaad een vijandig blok is, waarbij door het westen volkenrechtelijke normen op opportunistische wijze worden gebruikt indien deze de eigen politieke doeleinden ondersteunen. De illusie dat Nederland het volkenrecht daadwerkelijk als bindend recht beschouwt is door Balkenendes optreden voorgoed teloor gegaan. Vanaf nu weet iedereen dat volkenrechtelijke normen louter retoriek vormen.

En al is de democratie dan met de knoet opgelegd in Irak, alle ellende die daaruit is voortgekomen zal de autoritaire regimes alleen maar sterken in hun overtuiging dat het westen de vijand is. En de bevolking zal daarin waarschijnlijk meegaan. Nooit gedacht dat de Margarita-kwestie zulke grote gevolgen zou hebben.

Hans Wiegel spreekt moed in tijdens crisis

scan0055.jpg

Nieuwe aanwinst Van Goghmuseum

scan0031.jpg

(illustratie: Peter Bruns)

Moderne minstreels van de televisie

muurschildering sf

Je kunt de televisie tegenwoordig niet meer aanzetten of je ziet het hoofd van Mathijs van Nieuwkerk, Albert Verlinde of Jeroen Pauw op de buis. Programma’s als ‘de Wereld draait door’, ‘Pauw & Witteman’ en ‘RTL Boulevard’ brengen ons nieuws en ontspanning tegelijk. Infotainment zoals dat dan heet. Vaak met op de achtergrond grote beeldschermen of muziek of zelfs stukjes cabaret. Waarom deze behoefte om het nieuws steeds te herkauwen? De kijkcijfers van deze programma’s liegen er niet om: Infotainment is ‘hot’.

Misschien zijn deze programma’s wel de moderne variant van de barden, de zangers van Keltische oorsprong. De vervanging van de minstreels en troubadours van de middeleeuwen. Zingend, muziek spelend en dichtend brachten zij het nieuws. Bij verschillende volkeren speelden barden een essentiele rol bij het verspreiden van kennis. Wellicht de oudste en bekendste bard uit de geschiedenis is de Griek Homeros, die in de 8e eeuw voor onze jaartelling de Ilias en de Odyssee schreef. Het is overigens nog altijd een raadsel hoe Homeros zijn werken heeft kunnen schrijven aangezien hij hoogstwaarschijnlijk blind was. Het is ook de vraag of hij niet teruggreep op een nog oudere mondelinge traditie, en die verhalen voor het eerst op schrift heeft gesteld. Dichter bij huis kan gedacht worden aan de verhalen van Koning Arthur en over Karel de Grote. De legenden over deze koningen werden door minstreels gedurende eeuwen levend gehouden. Zij gaven vaak hun eigen persoonlijke noot aan de verhalen, waardoor vaak verschillende versies van hetzelfde verhaal ontstonden, of lokale varianten opdoken.

Na een laatste opleving aan het Bourgondische hof van de 15e eeuw, is van deze traditie in West Europa weinig overgebleven. In sommige delen van Afrika zijn dergelijke mondelinge verhalende tradities langer in leven gebleven, hoewel deze cultuur ook daar langzaam aan het uitsterven is met het oprukken van de moderne tijd. De nazaten van de oude Afrikaanse dorpsbarden kijken tegenwoordig liever naar Amerikaanse soap-series. De rijke locale muzikale tradities worden verruild voor de Afrikaanse varianten op westerse muziekstijlen. Net zoals andersom in het westen Afrikaanse invloeden in de muziek zijn terechtgekomen. Allerlei moderne mengvormen ontstaan en nieuwe muzieksoorten als hip hop, rap, kizomba, zouk, en nog veel meer.

De eeuwenoude bardentraditie, en daarmee de geschiedenis van hele volkeren, met hun eigen legenden, helden en episiche verhalen, verdwijnt langzaam maar zeker. Wetenschappers reizen de laatste jaren het Afrikaanse continent af in de hoop om zoveel mogelijk van deze oude verhalen nog op te nemen voordat de laatste verhalenvertellers sterven. Een belangrijk deel van onze ‘world heritage’ gaat daarmee verloren. Terwijl steeds meer bouwwerken tot UNESCO-monumenten worden verklaard, gaan verhalende tradities teloor zonder dat er een haan naar kraait.  

In Europa hebben de barden reeds ruim voor de uitvinding van de boekdrukkunst in de 16e eeuw plaats gemaakt voor gespecialiseerde musici, die zich volledig toelegden op muziek. De teksten die de muziek begeleidden kwamen volledig in dienst van de muziek zelf te staan. Muziek werd een doel op zich. Tegelijkertijd werd het verspreiden van kennis en nieuws, sindsdien overgelaten aan mensen die daar op hun beurt een zelfstandig beroep van maakten. De grote dichters hielden zich alleen nog met hun gedichten bezig en droegen die voor aan de Europese hoven. Maar muziek paste daar opeens niet meer bij. De Europese vorsten lvan de 17e en 18e eeuw lieten beroepsmusici en dichters het ene na het andere hoogstaande werk voordragen, maar de verschillende disciplines waren toen allang strikt gescheiden van elkaar.

De nieuwsvoorziening werd gaandeweg, zeker vanaf de 19e eeuw, het exclusieve domein van de geschreven krant. De krant werd een vast verschijnsel, en verscheen met regelmaat om de burgers te informeren (vandaar het woord ‘courant’). Ook kregen de schrijvers daarvan een eigen naam: de journalist was geboren. In die tijd, waarin veel mensen nog analfabeet waren, had de krant nog een bijzondere status en het lezen van een krant geschiedde bij voorkeur in een leesstoel gezeten met leesstok. Kortom een serieuze zaak. Naargelang in de loop van de 19e eeuw steeds meer mensen leerden lezen en schrijven, verloor de krant wel iets van zijn bijzondere karakter, maar werd wat in de krant stond in de regel gewoon ‘geloofd’. Tot ver in de 20e eeuw was de krant het nieuwsmedium bij uitstek. De radio bracht daarin een eerste grote verandering. Maar muziek en nieuws bleven gescheiden.

Tegenwoordig is dat allemaal anders. Nu iedereen leest en schrijft, internet heeft en (we)blogs schrijft en leest, is er sprake van een enorme overdaad aan informatie. Zodanig dat we bijna niet meer weten wat nu echt is en wat een ‘scoop’ of gewoon klinkklare onzin. De discussie over de opwarming van de aarde blijft bijvoorbeeld maar rondzoemen op het internet, en iedereen komt met zijn eigen versie van de waarheid. Misschien is het daarom wel rustgevend om naar Mathijs van Nieuwkerk of Albert Verlinde te kijken. Zij prepareren het nieuws voor ons, geven er een eigen kleur aan, en maken er ook een beetje een show van. Dat maakt het makkelijker voor de informatieverwerking. Vaak wordt ter lering en vermaak ook muziek gespeeld of worden korte fimpjes vertoond.

In oude tijden zaten we vol aandacht gezamenlijk in een kring te luisteren naar de bard, nieuwsgierig als de mens altijd al is geweest naar de spannende nieuwtjes en roddels. In tegenstelling tot de bard Assurancetourix in het dorp van Asterix en Obelix, zijn onze moderne barden als Mathijs van Nieuwkerk en Albert Verlinde erg populair. Zodanig zelfs, dat in de meeste huizen van het 21e eeuwse Nederland de bard nog steeds een centrale, bijna sacrale plaats inneemt. Vanuit zijn rechthoekige, blauwachtig licht producerende votiefbeeld in de hoek van de woonkamer vult hij onze avonden. En dat een leven lang. Geen kwaliteitskrant of journalist die daar tegenop kan. Het is alleen te hopen dat Martijs van Nieuwkerk en Albert Verlinde nooit op het idee komen om het nieuws zingend te gaan brengen, want dat laat ik als vroege 21e-eeuwer toch liever over aan de echte musici.

 

Kopenhagen: einde aan Europees maakbaarheidsideaal

temple of heaven

Wat ging er mis in Kopenhagen? Waren de verwachtingen te hoog? Er is een niet-bindende overeenkomst gesloten tussen de meeste landen, en inhoudelijk stelt het ook niet veel voor. Na veel discussie tussen de 3000 delegatieleden als in een Poolse landdag, rolde er een slap compromis uit. Er worden miljarden beschikbaar gesteld door de rijkere landen om de armere landen te helpen, dus eigenlijk nog meer ontwikkelingsgeld beschikbaar gesteld, en men is het ermee eens dat de stijging van de temperatuur niet meer dan 2 graden mag bedragen tot 2050. Hoe dit resultaat nu moet worden bereikt, is onduidelijk. Er is geen controle-systeem ontwikkeld om te zien of al die toegezegde gelden nu ook echt goed gebruikt gaan worden. Het lijken grote druppels op een gloeiende plaat. Symboolpolitiek, meer niet.

Realpolitik

Terwijl in Nederland iedereen opwarmt voor spaarlampen, betere isolatie en groene stroom, bouwen landen als China, India, Rusland en Brazilie (de zogenaamde BRIC-landen) door aan de versterking van hun positie in de wereld. China voelt dat het tij meezit. De Chinese overheid is in feite de bankier geworden van de Verenigde Staten en voelt dat de tijd is gekomen om het “Rijk van het Midden” nu weer haar historische positie in de wereldgeschiedenis terug te geven. De ‘Realpolitik’ is terug. Geholpen door westerse technologie, bereidt de Chinese overheid het land voor op een plaats binnen de grootmachten van de wereld. Iedere week wordt er in het Rijk van het Midden een kolenmijn bijgebouwd, de marine krijgt nieuwe orders, het ruimteprogramma krijgt een nieuwe impuls en het wegennet wordt in verhoogd tempo uitgebreid: dat alles vereist een pragmatische omgang met een westerse hobby als de klimaatverandering.

China’s historische rol

Zodra de westerse landen de BRIC-landen wijzen op de onevenwichtige wijze waarop zij hun economie ontwikkelen, wordt het westen op de vingers getikt en beschuldigd van hypocrisie, omdat de westerse landen nu eenmaal voor de meeste vervuiling zorgen. En nu China als grootste BRIC-land haar vleugels uitslaat naar andere delen van de wereld, meent zij dat 19e eeuwse machtspolitiek geoorloofd is, in ieder geval totdat het Rijk van het Midden een zelfde welvaartsniveau heeft bereikt als de Verenigde Staten. Want laten we wel wezen: De Verenigde Staten is het enige westerse land waar China nog tegen opkijkt. De Amerikaanse ‘way of life’ is het grote voorbeeld, en op Europese muizenissen en moralistisch gefilosofeer zitten ze in Peking niet te wachten. Op dezelfde manier wuift China de kritiek van mensenrechten-organisaties van de hand. Want in Chinese ogen zijn deze mensenrechten-organisatie niets anders dan goed vermomde westerse imperialisten, wolven vermomd in schaapskleren. In de Chinese optiek heeft Europa alleen maar ellende gebracht en het land verzwakt in de 19e eeuw, waardoor het haar historische plaats als beschaafdste land van de wereld is kwijtgeraakt. Daarna kwam de verschrikking van de Japanse bezetting in de jaren 30 en ’40. Pas de komst van Mao Zedong heeft China weer laten terugkeren op de goede weg die China nu op is geslagen. Als er dan individuele slachtoffers zijn, is dat jammer maar onontkoombaar.

Grote Sprong Voorwaarts

Tijdens de Grote Sprong Voorwaarts in 1958 werd door Mao, die nog steeds op een voetstuk staat in China, een groot plan gelanceerd om de Chinese economie te laten wedijveren met de westerse ’barbaarse’ landen, die in zijn ogen door machtspolitiek zichzelf een tijdelijke en onrechtmatige gunstige positie hadden verschaft op het wereldtoneel. Iedere Chinees moest helpen met het verzamelen van ijzer voor de opkomende staalindustrie. Zelfs schroefjes van deuren en kozijnen werden gebruikt voor de productie, maar helaas leverde dat een slechte kwaliteit staal op. Mao vond dat de communistische revolutie niet ver genoeg ging, en de gehele Chinese geschiedenis moet worden herschreven en het Chinese volk heropgevoed tijdens de ‘Culturele Revolutie’.

Verstommen van kritiek

Na het overlijden van Mao, begrepen de nieuwe Chinese machthebbers dat het beter was om enigszins mee te gaan in de mondiale ontwikkelingen ten eigen bate. De huidige machthebbers in China zijn weliswaar niet vies van de modernste technologie en gadgets, maar nog altijd opgegroeid in een communistisch systeem, en willen dat het liefst zo houden. Intussen is de westerse kritiek verstomd en zien wij China liever als een goedaardige variant van het communisme, vergelijkbaar met het Joegoslavie van Tito. Terwijl de Europese Unie grote kritiek had op de illegale detentie van terroristen in Guantanamo Bay, keken zij weg bij de massale executies van dissidenten van het Chinese regime. Ook werden autoritaire regimes in landen die zich binnen de Chinese invloedssfeer bevonden en die door dit land werden gesteund, ontzien, zoals Birma en Noord Korea. De sinificatie van Tibet werd niet bekritiseerd en de agressieve Chinese assimilatiepolitiek ten opzichte van de Ugyuren genegeerd. Maar China is kennelijk toch niet zo aaibaar als men vroeger dacht. Premier Balkenende weigerde zelfs uit angst voor Chinese represailles de Dalai Lama persoonlijk te ontvangen, en liet Maxime Verhagen het woord doen, terwijl Angela Merkel en Barack Obama wel de moed hadden om de Tibetaanse geestelijk leider zelf hartelijk te ontvangen.

Overname van agrarische gronden

China slaat haar vleugels snel uit: op grote schaal verwerven Chinese bedrijven concessies en argrarische gronden in Afrika en landen als Brazilie. Dit fenomeen is overigens geen zuiver Chinese aangelegenheid: Zuid Korea heeft bijvoorbeeld 90.000 hectare grond in Madagaskar gekocht, Zuid Afrika doet hetzelfde in andere Afrikaanse landen, Libie koopt op grote schaal grond aan in Mali, Saoudi-Arabie koopt op grote schaal grond in Afrikaanse Sahel-staten. Al deze actoren hebben baat bij goedkope contracten en zoveel mogelijk opbrengst. Meestal zijn dergelijke investeringen gebaseerd op het ‘win-lose’-scenario: de onderneming of aankopende staat wint, de agrarische gronden worden uitgeput en de bevolking profiteert er niet van. Neo-neo-kolonialisme! Duurzaamheid komt niet voor in de vocabulaire van de verkrijgende ondernemingen.

Chinees perspectief

Vanuit Chinees perspectief mag niets de ontwikkeling van het land in de weg staan, en zeker niet politieke hobbies van de Europese landen. Als het klimaat dan in de komende jaren gaat veranderen, is het land tenminste net zo rijk als de westerse landen en zal China het debat echt bepalen. Maar ‘for the record’ is het natuurlijk handiger om te blijven handenschudden op internationale conferenties zoals in Kopenhagen, om in ieder geval geen gezichtsverlies te lijden. Maar nu de foto’s van de klimaatconferentie zijn gemaakt, en de beleefde gesprekken afgerond, gaat China verder met het opbouwen van zijn economie, koste wat kost. En als er conflicten dreigen op internationaal niveau, wordt Barack Obama even informeel gebeld. En Europa? Wij kopen onze spaarlampen en groene stroom en hopen stilletjes dat het ooit nog eens goed komt met de wereld. Zo markeert Kopenhagen niet alleen de opkomst van China als grootmacht maar ook het einde van het Europese maakbaarheidsideaal.

Prins Bernhard: de Musical

elephant 

Prins Claus is weer helemaal terug. Natuurlijk niet letterlijk, maar wel in de media. In deze tijden van klimaatconferenties is het namelijk altijd handig om mee te liften op de ombesmette reputatie van Claus. Vandaar ook dat Minister Koenders graag de conferentie in Kopenhagen onderbrak om even per vliegtuig naar Amsterdam te city-hoppen om de uitreiking van de Prins Claus-prijs bij te wonen. Daarna liet hij zijn uitgestreken gelaat nog even zien bij het televisieprogramma ‘De wereld draait door’ om vervolgens even wat kirosine te laten branden om zich zo snel mogelijk bij zijn grote mensenwereld-vrienden in Kopenhagen te vervoegen.

Koenders moet wel een bijzonder goed georganiseerde man zijn. Hij vindt, tussen al zijn dienstreizen en het in survival-outfit door sloppenwijken banjeren door, zelfs nog tijd om te acteren. Hij speelt namelijk in het door John Leerdam geregisseerde toneelstuk over het leven van Prins Claus. Koenders speelt echter niet de onkreukbare Claus, maar zijn grote voorbeeld Jan Pronk. Claus wordt door Thom Hoffman gespeeld, die overigens op uitstekende wijze het Duitse accent van de overleden prins nabootst. Nu speelt John Leerdam zelf al een briljante rol in de politiek als het geweten van de Nederlandse Antillen, dus die rol was al bezet.

Koenders heeft natuurlijk veel te winnen met zo’n toneelstuk over Prins Claus. Het is altijd goed om een goede naam te verbinden aan een goede zaak zoals ontwikkelingshulp en milieubescherming. Maar indien Koenders echt indruk wil maken op internationaal niveau, is het wellicht nog beter om een musical te maken, en dan over die andere beroemde Prins: Prins Bernhard. In navolging op de musical ‘Mandela’, kan dan het uiterst boeiende leven van Van Lippe Biesterfeld worden verteld: diens jeugd in Duitsland, de SS-jaren, zijn passie voor auto-rally’s, het veroveren van het hart van de al snel verliefde Prinses Juliana, het huwelijk in 1937, het verblijf in Londen tussen de wantrouwende geallieerden, zijn spannende tijden op de pilotenopleiding, hoe hij zonder zelf te hebben meegedaan aan gevechtshandelingen na de bevrijding leider werd van de Binnenlandse Strijdkrachten, zijn plannen om onderkoning te worden onder Soekarno na de Indonesische onafhankelijkheid, de koloniale jacht in Afrika, die hij later omdoopte tot natuurbescherming om de rol van koloniale blanke te blijven spelen, de Greet Hofmans-affaire, de buitenechtelijke relaties, zijn geflirt met Eva Peron, zijn verblijven tussen Afrikaanse stammen, de karaktermoord op Willem Oltmans ,de Lockheed-affaire, zijn constante gezeur om geld en geklaag over de gierigheid van de Nederlandse Staat.

Teveel om op te noemen bijna voor een musical. Misschien kan John Leerdam er twee delen van maken: het eerste deel over de jaren tot en met 1945, het tweede deel over de naoorlogse jaren. Een beetje zoals de twee delen van Soldaat van Oranje, maar dan meer de kwade tegenpool daarvan. Er komt binnenkort overigens al een televisieserie genaamd Schavuit van Oranje, waarin Daan Schuurmans de rol van Bernard zal gaan spelen. Maar of Bernhard daarin als tegenpool van de Soldaat van Oranje zal worden neergezet, valt nog te bezien. Maar een musical is in ieder geval toch leuker, vanwege de muzikale dramatiek die eraan kan worden gegeven. Nelson Mandela kreeg al een musical, nu is de eer aan Prins Bernhard. En hopelijk met de nodige humor erin: http://www.youtube.com/watch?v=LzclgqYfxro .

Hopelijk krijgt Koenders dan eindelijk de kans om zelf eens een echte aristocraat te spelen zoals Bernhard. Hoeft hij niet meer met een zelfingenomen glimlachje in die survival-outfit rond te lopen in Soweto. Ik zie de interessante karakterontwikkeling in de musical al voor me: Openingsscene met ”Die Walküre” van Richard Wagner: een groep motorrijdende SS’ers in de Duitse sneeuw terwijl de winkelruiten van Joodse eigenaars worden ingegooid. Aan het slot van het eerste deel schiet Bernhard een olifant voor zijn kop, en even later brengt een zwarte koelie de champagne.

Tweede deel en ”fast forward” naar de jaren ’80: ‘Lion King’-muziek. Weer afrikaanse savanne. Opeens duikt Willem-Alexander op, die stampvoetend tegen opa roept dat hij ook wil leren vliegen. Eindakte van het laatste deel: Bernhard is inmiddels een gevierd natuurbeschermer geworden, en bezoekt hij voor een laatste keer Afrika. Zijn oude dienstbode is inmiddels ook al stokoud, en leeft nog steeds in dezelfde schamele hut. Bernhard geeft hem een paar dollars en vraagt hoe het met zijn olifanten gaat. Die doen het nog steeds goed, zo goed zelfs dat ze bijna een plaag vormen in de omgeving van het park. Bernard draait zich vermoeid om, gooit de smeekbrieven om geld van Afrikaanse kinderen in het knapperende haardvuur. Daarna laat hij zich nog een laatste keer door zijn dienstbode een glas champagne inschenken, en zegt tegen zijn bewonderende gast Rik Felderhof: ‘Ik heb nergens spijt van.’

Het plotselinge taboe van Kopenhagen: bevolkingsgroei

tree

Er is iets vreemds aan de hand in Kopenhagen tijdens de klimaatconferentie. En dan heb ik het niet over de gebruikelijke protesten van anti-globalisten, milieu-activisten of wie dan ook. Ik doel ook niet op de critici die stellen dat de aarde helemaal niet opwarmt. Nu de temperatuur in eigen land tot -6 graden Celsius is gedaald, lijken doemscenario’s verder weg dan vorige week toen nog +12 graden werd gemeten. Nee, ik doel op het feit dat de groei van de wereldbevolking geen onderwerp van de discussie is. Wel spreekt men over de vermindering van de ‘carbon footprint’, en over subsidies aan ontwikkelingslanden om hen te helpen met duurzame ontwikkeling. Een ander heikel punt is de ontwikkeling van een nieuw systeem om de emissie van broeikasgassen terug te dringen ter vervanging van het in Kyoto destijds ontwikkelde ‘emmissie cap’-systeem. Het milieu is, na jaren te zijn weggeweest, opeens weer ‘hot’. De commercie heeft het opgepikt als marketing-instrument: In televisie-reclames zien we glanzende auto’s in schone bossen met gelukkige vogels om aan te tonen hoe zuinig onze auto’s zijn geworden. De doemdenkers leven zich ook weer eens goed uit: activisten van Greenpeace maken ons ouderwets bang door verkleed als ruiters van de Apocalyps in Kopenhagen ten tonele te verschijnen. Alles is opeens bespreekbaar. Bio-energie, zonnepanelen in de Sahara, groene energie, windmolenparken op de Noordzee, kunstmatige vleesproductie, noem maar op. Maar er wordt niet gesproken over de ongeremde bevolkingsgroei in de wereld. Dat lijkt opeens taboe geworden.

Club van Rome

Het taboe op de groei van de wereldbevolking verbaast eenieder die zich verdiept in de geschiedenis van de milieubeweging. De Club van Rome, de eerste milieu-beweging en in feite de geestelijke vader van de Conferentie in Kopenhagen, bracht al in 1972 het beroemde rapport ‘Grenzen aan de Groei’ uit. Hierin werden de huidige problemen op onze aarde allang voorspeld, met als oorzaken: de overbevolking van de planeet en de overconsumptie. In het alarmerende rapport werd destijds dus al een verband gelegd tussen groei van de wereldbevolking en consumptie en de gevolgen hiervan voor het milieu.

Boodschap nog altijd actueel

Aan deze situatie is in feite niets veranderd. Sterker nog, de problemen veroorzaakt door overbevolking en overconsumptie nemen exponentieel toe. De reden waarom het klimaat verandert, is niet dat wij per individu in het westen vervuilender zijn geworden. In tegendeel, de uitstoot van de sterk vervuilende bruinkoolproductie is vervangen door andere energiebronnen, de auto’s zijn schoner en zuiniger geworden. Maar deze positieve effecten worden teniet gedaan door het feit dat de welvaart groeit, we met meer mensen zijn en we dus per saldo meer vervuilen dan vroeger.

Groei van de bevolking

Ten tijde van het rapport van de Club van Rome kende de wereld bijn 4 mijlard inwoners. Nu, 38 jaar later, telt de wereldbevolking bijna 7 miljard zielen. Omgerekend is dat ongeveer 900 miljoen bewoners erbij per decennium en 90 miljoen nieuwe mensen per jaar – met andere woorden komt er elk jaar een ”Duitsland” bij. Pas als we dit aspect bij de discussie betrekken, ontstaat een eerlijk beeld van wat er wereldwijd gaande is. Dit punt negeren is boter op het hoofd hebben. Want als men spreekt over de ‘carbon foorprint’ per individu terugdringen, heeft dit weinig zin als er jaarlijks 90 miljoenen zielen bijkomen, met dus jaarlijks letterlijk 180 mijloen extra voetafdrukken. Het is spijtig dat in Kopenhagen, waar de duurzame ontwikkeling centraal staat, niet wordt gesproken over beperking van de groei van de wereldbevolking. Er wordt door de Nederlandse delegatie steevast gesproken over: ‘welke wereld laten we achter voor onze kinderen‘, zonder na te denken over de hoeveelheid kinderen waar we nu bewust voor kunnen kiezen. In plaats van de achterliggende problematiek van overbevolking en overconsumptie te bespreken, gaat het in Kopenhagen vooral over symptoombestrijding zoals het rondbazuinen van cijfers over de reductie van uitstoot, nieuwe voorstellen voor emissie-tradingsystemen en subisidies. De gematigde en goedhartige klimaat-bezorgden zoals Herman Wijffels houden zich vooral bezig met rijkemensen-hobbies zoals het gebruiken van het openbaar vervoer na een vliegreis en het stimuleren van groene stroom, die vaak overigens uit in Frankrijk opgewekte kernenergie bestaat. Aan de andere zijde van het spectrum staan de milieuactivisten, die het liefst het in hun ogen verderfelijke kapitalisme tenonder zien gaan en het liefst terugkeren naar utopistische heilstaten die al sinds de terechtstelling van Thomas More in de vroeg 16e eeuw geen slagingskans blijken hebben waneer dergelijke denkbeelden gespeend zijn van een realistisch beeld van de mens en de biologische drijfveren van menselijk gedrag: eigenbelang en voortplantingsdrift.

Stand van wereldbevolking over 40 jaar

Als het huidige tempo van de groei doorgaat, hebben we rond 2050, als de kleine kinderen van nu groot zijn, een wereldbevolking van op zijn minst zo’n 9,3 miljard mensen. Zie: www.census.gov/ipc/www/idb/worldpopgraph.php. De vraag luidt dan ook niet alleen welke wereld wij voor onze kinderen willen achterlaten, maar ook hoeveel kinderen wij op deze in opvang-capaciteiten beperkte planeet aarde willen loslaten. Dat niet willen bespreken omdat zo’n onderwerp gevoelig ligt, tekent de waan van de dag. Terwijl ook onze eigen Minister Koenders wel degelijk erkent dat er iets aan de groei van de bevolking moet worden gedaan, wordt dit punt in Kopenhagen onbesproken gelaten. Zie een recente lezing door Koenders: http://www.youtube.com/watch?v=JcWxJeU9B_8 . Koenders erkent dat groei van de wereldbevolking een probleem is, maar vindt het kennelijk onethisch om de armere landen daarop te wijzen. Als we straks met teveel mensen zijn, worden we echter allemaal asielzoekers op onze eigen te kleine planeet. We zullen in het jaar 2050 zien wie gelijk had, de Club van Rome uit 1972 of de deelnemers van de huidige Kopenhagen-conferentie, die ervoor kiezen om op ethische gronden een dergelijk belangrijk thema tot taboe te verklaren.

Grieken dansen door, met of zonder de EU

fresco 

Het Griekse landschap ziet nog steeds koolzwart van de bosbranden in 2007. De honderden miljoenen euro’s die door Europese noodfondsen werden toegekend om het land er bovenop te helpen, zijn in rook opgegaan. Er is niet eens een kadaster waar percelen geregistreerd staan dus de slachtoffers raken verstrikt in onduidelijke procedures, corruptie en willekeur zodra zij hun verzoeken tot schadecompensatie indienen. Niemand die weet wat er met het geld is gebeurd. Griekenland ligt nu weer onder een ander vuur: dat van de Europese Unie, dit vanwege het jarenlang vervalsen van cijfers over de staat van de economie van het land. Zie http://www.nrc.nl/economie/article2428068.ece/Eurolanden_pakken_Griekenland_keihard_aan. Dit nieuw staaltje Griekse onvermogen komt niet echt als een verrassing, maar meer als een laatste druppel die de emmer doet overlopen. Griekenland heeft zich namelijk vanaf de toetreding tot de Europese Unie in 1981 gedragen als het stoutste jongetje van de klas, zonder enige straf te krijgen.  

Schandalen stapelen zich op

Keer op keer is Griekenland in de afgelopen jaren beboet vanwege te late implementatie van Europese richtlijnen en het op onjuiste wijze aanwenden van Europees subsidiegeld. Die boetes zijn echter nooit geind, waardoor nu  honderden miljoenen aan boets nog openliggen. De dubieuze debiteur bleef intussen vrolijk geld uitgeven. Schandaal na schandaal stapelde zich op in de Griekse pers, zowel onder de liberalen als de socialisten, maar in Brussel bleef het stil. Terwijl de toestand in het land wel degelijk onrustbarend is. Griekse politici zijn het meest corrupt van de hele Unie, en veel bedrijven betalen niet eens belasting. Geen wonder dat de Europese subsidiepotjes zo populair waren in Athene. Pas toen vorig jaar beelden verschenen van Griekse relschoppers in de straten van de hoofdstad, begonnen de politici in Brussel zich af te vragen of alles wel koek en ei was daar in het zuidoosten . Tot dan toe hadden de Brusselse technocraten zich vooral geboden over de kwestie of de beroemde Feta-kaas als Grieks product beschermd moest worden, net als de Italiaanse Parma-ham.

Onterecht in Eurozone

Griekenland werd in 2000 moeiteloos toegelaten tot de Eurozone. Het land werd geroemd om de efficiente wijze waarop in enkele jaren tijd het overheidstekort was teruggedrongen van 10% tot slechts 1,8%. Nu is gebleken dat de Griekse rekenmeesters op grote schaal hebben zitten liegen, rijst dan automatisch de vraag of Griekenland op onterechte wijze tot de Eurozone is toegelaten. De Griekse overheid is op een haar na bankroet en er zijn nu weer vele mijlarden euros nodig van netto-betalers als Nederland om het land weer bovenop te helpen. Vreemd genoeg wordt de vraag niet echt gesteld of Griekenland nog wel recht heeft op bijstand. Wellicht komt dat omdat Europese politici van de oude stempel een klassieke opleiding hebben gevolgd, dat zij bij de Grieken andere maatstaven hanteren dan bij andere landen. Toen landen als Litouwen en Slowakije immers wilden toetreden stelden de Europese politici strenge eisen, en werden deze landen uiteindelijk toch niet toegelaten. Griekenland ontspringt echter altijd de dans. Net als bij de charmante maar onbetrouwbare Zorba uit Zorba de Griek, geloven de Europeanen de Griekse aanstekelijke praatjes keer op keer. Nog altijd symbolisch voor de relatie tussen de Grieken en het westen is het gesprek tussen de twee mannen op het strand van Kreta in die beroemde film. Zorba weet Nikos (‘boss’) keer op keer te paaien voor zijn plannetjes, waar niets van terecht komt. Zorba blijkt een schurk en een oplichter te zijn en ’boss’ keert daarom uiteindelijk, berooid en gedesillusioneerd terug naar zijn geboorteland; maar niet zonder pijn in het hart. Zie: http://www.youtube.com/watch?v=690_48tCzfE

Transparency Global

Recent – nog net voor het Griekse cijferschandaal – verscheen al het jaarlijkse rapport van het bekende instituut Transparency Global, waarin Griekenland bedroevend slecht scoorde op de schaal van corruptie. Het land is zelfs veel corrupter dan landen als Chili, Uruguay en Costa Rica. Dit geeft te denken. Vooral omdat Griekenland al sedert 1981 lid is van de Europese Unie. Zie: http://peterbruns.unblog.fr/2009/11/28/greece-bulgaria-and-romania-more-corrupt-than-several-latin-american-countries/

Verslaafd aan EU geld

De vraag is dan ook, wat er nu concreet zal gebeuren. Een met cijfers goochelende overheid kan niet ongestraft worden gelaten. De Grieken lijken verslaafd te zijn aan Europees geld. Er heeft zich een metamorfose voorgedaan van de gastvrije en vrijheidslievende vissers van vroeger tot de zwaarlijvige zonnebrillendragende schreeuwlelijken die in een SUV de weg onveilig maken van tegenwoordig. Terug naar vroeger kan niet meer, maar het heden kan ook niet langer zo. De rellen in de hoofstad Athene tonen aan dat er kennelijk veel onvrede onder bepaalde elementen van de bevolking leeft. Welke oplossing dan ook wordt gevonden, het zal moeten beginnen met het nemen van verantwoordelijkheid voor de wantoestanden. Niet enkel in politieke zin, maar ook in juridische opzicht. In de Verenigde Staten zitten de directeuren van Enron al jaren in de gevangenis voor creatief boekhouden. Zelfs in Nederland, waar gewoonlijk liegende en bedriegende bestuurders niet worden aangepakt, heeft in ieder geval Ahold-topman Cees van der Hoeven nog een bescheiden boete van 30.000,- euro opgelegd gekregen voor valse jaarrekeningen. Maar  de Griekse politici dansen vrolijk door.

Het is te hopen dat de EU-landen niet zomaar de Grieken gaan helpen zonder die wantoestanden nu eens echt aan te pakken. Juridische consequenties mogen niet uitblijven. Griekenand heeft als land op ernstige wijze het europese beginsel van de Gemeenschapstrouw geschonden. Dit beginsel is thans officeel omgedoopt tot het beginsel van de ‘loyale samenwerking’ en verankerd in artikel  5 van Europese Grondwet, maar gaat terug tot eerdere jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie.

Griekenland uit EU-zone

Bij een ernstige schending van het beginsel van ‘loyale samenwerking’ moet het mogelijk zijn een juridisch passende actie te nemen: ik zou zeggen schadevergoeding met, al dan niet, ontbinding van de overeenkomst met Griekenland. Dit is gebruikelijk bij schending van gewone overeenkomsten in het dagelijks leven, en ik zie niet in waarom dit niet op Europees niveau tussen staten zou mogen gelden. Bij ontbinding kan overigens ook voor gedeeltelijke ontbinding worden gekozen. Dit houdt dan concreet in dit geval in: Stel Griekenland voor vrijwillig de Eurozone uit te treden, en laat het land pas terugkeren als is voldaan aan een aantal harde criteria. En als het land daar niet mee akkoord gaat, mag het in het uiterste geval de hele Europese Unie uit. Het is tijd voor een Europees Ochi (‘Nee’) tegen de Griekse malversaties. De moderne Zorba’s hebben nu al lang genoeg geprofiteerd van de nijverheid van de noordelijke landen van de Unie. De ‘Elgin-marbles’ mogen dan als afscheidscadeau versneld terugkeren naar Athene; Gordon Brown zal daarmee graag een handje helpen. Net zoals de beroemde zangeres Melina Merkouri destijds het land onvluchtte, mag nu het hele Griekse volk dan de Unie uitmarcheren. Maar wel moeten we de Grieken als trots volk eerst de kans geven zelf dit besluit te nemen. Om met opgeheven hoofd de scene tijdelijk te verlaten, om hopelijk ooit eens trots als in een Griekse drama als een ‘deus ex machina’ weder te keren tot de Europese scene. Zie: http://www.youtube.com/watch?v=ezBocVzfj1I&feature=PlayList&p=68E9397E7C6E23D6&playnext=1&playnext_from=PL&index=32

Associatie-verdrag

Als Griekenland eenmaal de Unie uit is, verkrijgt Turkije eindelijk ook rechtvaardigheid, en zullen de Turken aan den lijve ondervinden dat lidmaatschap van de EU niet alleen maar een ticket naar welvaart inhoudt, maar ook verplichtingen met zich meebrengt. Wellicht kunnen beide landen zich dan aansluiten bij nieuw soort Europese Vrijhandelsasosciatie met als hoofstad Athene. Deze landen kunnen dan middels een associatieverdrag goedkoop handel drijven met de Europese Unie en een voorportaal van Europa in de Levant vormen.  Misschien kunnen zelfs Israel en Libanon, of zelfs Armenië en Georgië zich aansluiten. Dergelijke landen begrijpen elkaar. Maar dan buiten EU-verband, niet binnen. Binnenkort zal IJsland waarschijnlijk zijn kandidatuur voor EU-lidmaatschap bekend maken. Het land is –op eigen kracht- al behoorlijk bijgekomen van de crisis en voldoet al aan de meeste Europese criteria. We moeten misschien maar de oude Griekse platen van Melina Merkouri toch echt eens weggooien, en trachten te wennen aan die trollen-muziek van Björk.

Ushi & Dushi goed voor toerisme Curaçao, maar voegt weinig toe

fish

Er is inmiddels al veel geschreven over het personage Lucretia, oftewel ‘Dushi’, gespeeld door Wendy van Dijk, vermomd als Curaçaose in het programma ‘Ushi & Dushi’. Het ene kamp vindt dat door dit programma racistische stereotypes worden bevestigd, zoals van de vrolijke, dikke maar luie Antilliaanse. De ander wijst erop dat de Curaçaose toerististische sector juist blij is met deze aandacht voor het eiland. Iedereen schijnt te vergeten dat de stereotypes over Nederlanders ook daar nog altijd bestaan. De ogenschijnlijk onschuldige naam ‘makamba’ heeft wel degelijk een racistische en anti-Nederlandse gevoelswaarde.

Complexe relatie

De al bijna 400 jaar durende relatie met Curaçao is complex en vaak gespannen. Enkele jaren geleden was in Nederland het liedje ‘fok you’ een hit. Het liedje gaf goed aan hoe over een weer met het vingertje wordt gewezen en het eiland weinig goed kan doen in Nederlandse ogen en andersom. In mijn vorige bijdrage over de Antillen, noemde ik de Nederlandse houding een vorm van ‘goedhartig absentisme’. Daar bedoelde ik mee het van een afstand beoordelen, met goede bedoelingen maar zonder de situatie op de eilanden goed te kennen. Het wordt tijd om juist afscheid te nemen van die houding en de gewone eilandbewoners ook zelf te betrekken bij de discussie en niet alleen de tot op het bot corrupte bestuurders.

Antillianen in pers-luwte

De slechte pers van Curaçao komt niet uit de lucht vallen. De criminaliteit en het wapenbezit onder Antilliaanse jongeren in Nederland is nog altijd een groot probleem, maar wordt heden ten dage kennelijk als minder bedreigend ervaren omdat de Nederlandse discussie zich nu vooral richt op de Islam en specifiek op Marokkaanse criminelen. Dit terwijl de problemen met Antilliaanse jongeren daardoor echt niet minder zijn geworden. Het is gewoon een tijdelijke luwte in de aandacht.

Blanke ‘adel’

Tegelijkertijd passen veel Nederlanders op de eilanden zich ook niet altijd goed aan. Zo vormt Curaçao een soort magneet voor Nederlanders die het in eigen land niet uithouden, en zich daar opeens als een soort blanke ‘adel’ gaan gedragen. Zoals de Nederlandse oud-tandarts annex zakenman Jacob Dekker, die zichzelf overigens Jacob Gelt Dekker is gaan noemen. Het tandentrekken moe, zocht hij een nieuwe uitdaging en ziet hij zichzelf nu graag als de blanke onderkoning van het eiland, een soort Mountbatten van Curaçao. Op de kaft van zijn boeken poseert hij, schijnbaar met een knipoog, als een soort admiraal Nelson tussen de naakte zwarte mannen en lijkt ervan te genieten. Hij wordt gehaat en bewonderd tegelijk op het eiland. Hij is zelfs door de Curaçaose pers tot ‘persona non grata’ uitgeroepen, wat uiteraard belachelijk is omdat hij niets illegaals heeft gedaan. 

Grata-non grata

Zijn grootste verdienste, het oprichten van een slavernij-museum van wereldklasse (het Kura Hulanda Museum) en het restaureren van de vervallen wijk Otrabanda, wordt slechts schoorvoetend erkend op het eiland. Dat heeft misschien ook te maken met het feit dat het opgeknapte deel geheel onderdeel vormt van zijn aldaar gevestigde hotel. Daarmee laadt hij de verdenking op zich dat het hier slechts marketing voor zijn eigen bedrijf betreft en dat is jammer, want de lokale bestuurders vinden graag argumenten om met het vingertje te wijzen, zeker als het van een makamba afkomt. De balans bij Dekker is uiteindelijk positief omdat hij nu eenmaal ontegenzeggelijk veel voor het eiland heeft gedaan. Zijn project om Otrabanda, het arme deel van Willemstad te restaureren is uniek in de geschiedenis van de Antillen. Zoiets dan alsnog afkraken is wel erg gemakkelijk, vergelijkbaar met het jaloerse gezeur in Nederland over het project van de kroonprins in Mozambique. Dit soort projecten levert, mits omgeven met de juiste waarborgen en goede controle, juist werkgelegenheid op voor de lokale bevolking en stimuleert de plaatselijke economie.

A Sunny Place

Een andere categorie vormt echter het type van de beruchte Joep van den Nieuwenhuyzen. Dit soort mensen verhuist vaak naar Curaçao als de Nederlandse FIOD te actief wordt en zij zien het eiland dan als een goede schuilplaats in de zon. Dat is een zuiver negatieve reden om naar het eiland te komen en schaadt het imago van het eiland nog verder. Helaas wordt dit type ondernemers geen strobreed in de weg gelegd. Het doet denken aan een uitspraak van schrijver Somerset Maughan over Monaco: ‘a sunny place for shady people’.

Uitzetten criminele Antillianen 

Er is natuurlijk nog veel meer loos. Nederland heeft bij de transitie naar de nieuwe koninkrijksverhoudingen 2,5 mijlard aan schuld van de Antillen afgelost. Een ongelofelijk bedrag, afgezet tegen de geringe omvang van de bevolking. Dan is er de grootschalige uitkeringsfraude. Nederland kwam meteen met draconische maatregelen op de proppen om uitkeringsfraudeurs terug te wijzen, en zo is er helaas nooit een echte discussie gevoerd over hoe nu om moet worden gegaan met die problematiek. Zo zijn de mogelijkheden op de eilanden beperkt en is het logisch dat mensen dan naar Nederland komen. Helaas begonnen sommige Curaçaose politici op hun beurt met David-sterren te zwaaien en andere potsierlijke onzin. Of het retourneren van lintjes. Dat zet terecht kwaad bloed in Nederland, en leidt ook af van de eigenlijke discussie.

Positieve kanten ook erkennen

Het is jammer dat er zoveel problemen zijn, die de verhoudingen steeds weer op scherp zetten. Want Curaçao heeft, evenals de andere eilanden, Nederland en de Nederlandse taal ook veel mooie dingen opgeleverd, zoals de schrijvers Frank Martinus Arion, Boeli Van Leeuwen, Tipp Marugg en vele anderen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben Antilliaanse soldaten in Nederlandse dienst gestreden, zoals George Maduro, de Antilliaanse held uit de oorlog in Nederland. Een contingent Antillianen is zelfs naar de Molukken vertrokken om daar de helpen tijdens de strijd tegen de Japanners. De openlegging van de eilanden is voornamelijk geschied tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen olieraffinaderijen en vliegvelden nodig waren voor het Amerikaanse leger. De West was het enige koninkrijksdeel dat niet bezet was tijdens de Tweede Wereldoorlog en was bijzonder trouw met ons. Dit verdient grote hulde.

Zelfs de trust-industrie is op de Antillen begonnen tijdens de oorlog, toen het als onderdeel van oorlogsnoodrecht mogelijk was om bij wijze van uitzondering in het Nederlandse recht, de zetel van rechtspersonen te verplaatsen naar de Antillen. Hierdoor is Citco Trust van de familie Smeets groot geworden. Op die manier is veel geld uit handen van de Duitsers gebleven. Terwijl de Hoge Raad onverkort het Duitse bezettings-recht toepaste als hier te lande geldend recht, pasten onze Antilliaanse rijksgenoten, vaak van oorsprong sefardisch-Joodse bankiers zoals de families Curiel, Henriques en Maduro (van de MCB-Bank en de Banco di Caribe), op het geld van Koninklijke Olie (Shell) en andere bekende Nederlandse bedrijven en personen.

En na de Tweede Wereldoorlog bleven de Antillen trouw aan Nederland. In 1954, toen het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden ontstond, was de levensstandaard op sommige eilanden hoger dan in Nederland, geholpen door de koppeling van de Antilliaanse gulden aan de Amerikaanse dollar en de aanwezigheid van olieraffinaderijen. De Antillianen hebben destijds niettemin ingezien dat de historische band met Nederland niet doorgesneden zou moeten worden.

An astonishing vision 

Curaçao kent bovendien niet alleen mooie stranden, aardige mensen, diepzee-duiken en salsa-muziek maar herbergt daarnaast de oudste nog bestaande Synagoge van het Amerikaanse continent (uit de 17e eeuw), het prachtige Fort Amsterdam, talloze landhuizen uit de oude tijd, een natuurpark en nog veel meer, niet alleen voor zon-zoekers maar ook voor degenen die echt interesse hebben in onze eigen koloniale geschiedenis. Ook is Willemstad als geheel een unieke stad, vooral in dat deel van de wereld, een Amsterdam in de Caribische zee. En terecht tot Unesco-monument verheven.

Al ben ik geen fan van het concept van het programma Ushi & Dushi, toch hoop ik dat het programma ook gebruikt zal worden om die positieve kanten te benadrukken. Misschien kan Wendy van Dijk de chliches eens vermijden en een voorbeeld nemen aan Patrick Leigh Fermor, een bekende Britse oorlogsheld en reisschrijver. Deze deed het eiland niet aan tijdens zijn reis door het Caribisch gebied net na de Tweede Wereldoorlog, maar zag het wel vanaf een afstand. Zijn beschrijving in zijn boek ‘The Traveller’s Tree’ valt moeilijk te overtreffen:

‘an astonishing vision of coloured roofs and steep Netherlandish gables, a city of Vermeer or Peter de Hoogh transported beyond the Tropic of Cancer.’

Peter Bruns

De Sint komt uit Spanje, en niet Turkije

 stoomboot

 Het ‘bewijs’: de stoomboot enkel dagen voor vertrek gefotografeerd in Malaga, Spanje

Dit jaar gebeurde iets opmerkelijks in Nederland. Namelijk geen gezeur over het Sinterklaas-feest. Na de afgelopen vijftien jaar doodgegooid te zijn geweest met argumenten dat het een racistisch feest zou zijn, en de Zwarte Pieten verboden zouden moeten worden, is die discussie gelukkig uitgebleven dit jaar. Geen Blauwe en Rode Pieten. Zo dicht bij 5 december ligt het niet meer in de verwachting dat de discussie alsnog komt. En dat is winst voor iedereen die van dit feest houdt, en niet in de laatste plaats voor de goedheiligman zelf!

Onze zuiderburen zitten nog wel met het feest in de maag. In Antwerpen is besloten het kruis van de mijter te halen omdat dergelijke religieuze tekenen aanstoot zouden geven bij niet-christelijke gelovigen. Hopelijk zullen de Belgen ooit begrijpen dat het Sinterklaasfeest in de eerste plaats geen religieus feest is, maar gewoon een volksfeest. Steevast ieder jaar, op het moment dat ik mijn surprises uitpak, word ik niet bevangen door religieuze ijver, maar ben ik gewoon weer als een klein kind nieuwsgierig naar wat mijn cadeau zal zijn. En bij Zwarte Pieten is geen sprake van racisme. Los van het feit dat er geen verschillende mensenrassen bestaan, bestaan Zwarte Pieten namelijk helemaal niet echt. Ieder kind leert op een dag dat Sinterklaas niet echt is. En als de Sint niet bestaat, dan zijn de Pieten dus ook niet echt. En bovendien, al zouden die de Pieten als zwart, gekleurd of allochtoon beschouwd worden, wat is er erg aan om een knecht van een heilige te zijn? Liever een knecht van een heilige, dan een koning van de zondaars.  

Alles goed en wel, het Sinterklaasfeest is natuurlijk gewoon een volkslegende. En legendes hebben niets met de werkelijkheid te maken. Het is allemaal fraaie nepperij. Volgens de legende lopen de Zwarte Pieten zomaar over uw dak om daar een cadeau in te gooien, maar toch staat geen volwassen mens s’nachts op om te kijken of er iemand op het dak loopt. 

De eeuwige zeurpieten, die helaas wel echt bestaan, doen er dan ook goed aan om de legende te nemen voor wat hij is. Gezellige fictie voor kleine kinderen. En die denken gelukkig nog niet in termen van huidskleur of racisme. Dat wordt pas in de tienerjaren erin geramd. Geen kind dat later racist wordt omdat hij het Sinterklaas-feest heeft gevierd.

En dan nu het laatste twistpunt. Waar komt Sinterklaas nu vandaan? Het enige goede antwoord moet luiden: Spanje. Volgens de legende komt de goedheiligman nu eenmaal uit Spanje. En niet, zoals Agnes Kant (SP) tijdens het AOW-debat riep, uit Turkije. Zij raakte namelijk in discussie met de PVV-woordvoerder Teun van Dijck, die stelde dat de AOW-leeftijd niet behoefde te worden verhoogd indien Nederland over zou gaan tot een immigratiestop uit ‘Moslimlanden’. Van Dijck hield vol dat dit een oplossing zou zijn voor alle Nederlandse kwalen. Agnes Kant ging terecht hier tegenin. Op typerende PVV-wijze was namelijk de nuancering volledig zoek. Van Dijck snapt natuurlijk niet dat ‘Moslimlanden’ als Irak, de Palestijnse gebieden en Libanon vele christenen herbergen. De vrouw van de overleden PLO-leider Yasser Arafat was christen en hijzelf bezocht ook de kerk tijdens de feestdagen. Maar veel niet-islamitische landen kennen ook veel islamitische bewoners, zoals India, met ongeveer 130 miljoen moslims naar absoluut aantal moslimgelovigen gerekend het derde moslimland ter wereld.

Agnes had dus gelijk, toen zij de redenering van Van Dijck bekritiseerde. Maar daarna maakte zij, bij de afsluiting van haar betoog een lelijke fout. Zij vroeg Van Dijk namelijk of hij ook Sinterklaas de toegang tot het land zou verbieden, omdat die volgens haar ‘toch echt uit Turkije komt’.

Zij doelde waarschijnlijk op de historische Sint Nicolaas, de bisschop van Myra, een plaats vlakbij Antalya, welbekend bij zonnebaders. Deze heilige werd leefde ongeveer van ongeveer 280 tot 342 na Christus. In die tijd was Myra onderdeel van het grieks-sprekende oostelijke deel van het Romeinse Rijk. Toen Nicolaas werd geboren had de deling van dat Rijk in het Westromeinse en het Oostromeinse Rijk nog niet eens plaatsgevonden. De naam of de hele notie van Turkije bestond nog lang niet. De Turkse stammen zaten op dat moment namelijk nog ergens ver weg op de Mongoolse steppen.

Pas ongeveer 750 jaar na de dood van Sint Nicolaas van Myra, verschenen de eerste Turkse stammen – die vanuit de Centraal-aziatische vlakten naar het westen waren getrokken -in de omgeving van wat wij tegenwoordig Turkije noemen. In de 12e eeuw, na de slag bij Manzikert (1071), begonnen zij een steeds grotere bedreiging te vormen voor het toenmalige Bijzantijnse rijk. In die tijd bestond de Universiteit van Oxford al en ontstonden in Noord-Frankrijk de beroemde Gothische kathedralen van Reims en Chartres. In de eeuwen die daarop volgden zouden de Turken het Byzantijnse rijk langzaam opslokken, Constantinopel innemen (1453), en in de 16e eeuw zelfs uitgroeien tot een machtig en imperialistisch rijk. Maar de naam ‘Turkije’ werd als zodanig niet gebezigd, men sprak van Osmanen of Ottomanen. Het moderne Turkije zoals wij dat kennen bestaat namelijk pas sinds 1923.

Dit gezegd hebbende, sluit ik graag af met iedereen een vrolijk Sinterklaasfeest te wensen zonder ideologisch debat, slappe anachronismen of andere onzin.

Peter Bruns

Gorbatsjov & Witteman

web frozen

1 december 1999. Precies tien jaar geleden. Het was een andere tijd. Het Millennium liep ten einde en de wereld was klaar voor een gouden toekomst en de beurzen beleefden de grootste hausse ooit. Internet was nieuw en ‘vet’. Geschiedenis was een hobby voor oude mannen geworden. President Clinton had net het Monica Lewinsky-schandaal overleefd en het enige probleem dat de zonnige toekomst nog kon bedreigen was het Millennium-probleem. Voor de jongere lezers: in die tijd dachten de mensen nog dat de computers op tilt zouden slaan als het klokje van 1999 naar 2000 sprong. De computers waren toen namelijk nog niet zo goed.

Het was ook de tijd waarin de toen stokoude journalist Gustavo Bernardo Hiltermann de hele linkse goegemeente inclusief het Landelijk Bureau ter bestrijding van Rassendiscriminatie over zich heenkreeg door asielzoekers profiteurs te noemen. De AVRO ging over tot censurering van zijn programma en hij werd afgedaan als een ‘oude man met staar in de ogen’, een fossiel dat de moderne wereld niet meer begreep.

Het Nederlandse media-hoogtepunt van 1999, achteraf bezien, was echter het televisie-interview met Michail Gorbatsjov door Paul Witteman voor het programma ’het Buitenhof’.  Na de nodige inspanningen had Paul Witteman het namelijk voor elkaar gekregen dat Michail Gorbatsjov voor een bijzondere uitzending van het Buitenhof naar de studio in Nederland kwam. Een absolute primeur.

Tijdens het interview probeerde Witteman, met de kenmerkende hautaine betweterigheid van links van die tijd, Gorbatsjov het vuur aan de schenen te leggen door kritische vragen te stellen over zijn verleden. Op een gegeven moment raakte Gorbatsjov de insinuaties van Witteman meer dan zat. Hij liep rood aan en ontstak in woede. De Groene Amsterdammer noemde het interview ‘topkwaliteit’ (zie de link http://www.groene.nl/1999/48/Geliefd_en_verguisd ) en dat was het zeker.

Wat het artikel van die krant echter niet vermeldt, is de reden waarom Gorbatsjov woest werd. Hij ergerde zich namelijk aan de westerse arrogantie die Witteman ten toon spreidde en beet hem toe:

DO YOU  KNOW HUNTINGTON ?”

Witteman trok wit weg en zei dat hij Huntington niet kende. Daarop vervolgde Gorbatsjov, volslagen rood aangelopen:

“READ HUNTINGTON !“.

Nu verwees de voormalige Sovjet-leider natuurlijk naar het inmiddels klassiek geworden boek ‘The Clash of Civilizations and the Remaking of World Order’ van de vorig jaar overleden schrijver Samuel Huntington. Het al in 1996 gepubliceerde boek werd pas een internationale bestseller na de aanslagen van 11 september 2001 in New York. De inhoud is bekend: Huntington voorspelde dat onze eeuw gekenmerkt zou gaan worden door de strijd tussen de beschavingen.

Voor een recensie van het boek in de New York Times, direct na het verschijnen daarvan in 1996, vijf jaar voor de aanslagen op het World Trade Center: www.nytimes.com/1996/11/06/books/a-scholar-s-prophecy-global-cultural-conflict.htmlsh .

Jammer dat het interview met de normaal gesproken vrij rustige ‘Gorbie’ nooit meer is herhaald. In zijn huidige programma Pauw & Witteman toont Witteman graag filmpjes uit het verleden, maar dit juweel is daarna nooit meer vertoond. Terwijl het echt een boeiend tijdsdocument is. Helaas is het ook niet op Youtube te vinden. Een schoolvoorbeeld van de linkse zelfgenoegzaamheid van de jaren ’90 en het bewijs dat het tijdperk van de “Botsing der Beschavingen” waarin wij ons nu als ‘front runner state’ bevinden, voor sommigen als een volslagen verrassing moet zijn gekomen.

Peter Bruns

Hoe katholieken het altijd verder schoppen in de EU

vatican

Helaas, onze premier Balkenende is geen President van de Europese Unie geworden. Nu was hij nooit officieel kandidaat, evenmin als de gekozen Van Rompuy. Helaas voor Balkenende zelf, moest hij direct weer naar de Tweede Kamer komen om allerlei lastige debatten aan te horen zoals over de verhoging van de AOW-leeftijd. Balen die nationale politiek.

Frankrijk en Duitsland

Nu is algemeen bekend dat Frankrijk en Duitsland de facto gingen bepalen wie de Europese President zou worden. En deze twee landen kozen niet voor Balkenende. Als belangrijke reden voor het feit dat hij niet is verkozen, werd genoemd dat hij geen Frans spreekt, wat natuurlijk een probleem vormde voor Sarkozy. Ook de Nederlandse houding ten opzichte van de Irak-Oorlog en de teveel pro-Atlantische opstelling van de Nederlandse regering schijnt een rol gespeeld te hebben, dit laatste kennelijk vooral voor Angela Merkel. De eveneens Nederlandstalige Van Rompuy daarentegen spreekt vloeiend Frans en is bovendien een overtuigd Europeaan.

Balkenende is niet katholiek

Maar er is nog een ander belangrijk verschil tussen de twee voormalige niet-kandidaten. Van Rompuy is namelijk katholiek, en Balkenende protestant. En niet zomaar protestant, ook nog eens gereformeerd. Nu zult u zeggen: Ach kom, we leven in 2009, speelt dit soort dingen nog steeds een rol? Het antwoord luidt: jazeker. De verschillen tussen de leden van dezelfde godsdienst spelen vaak nog een grotere rol dan de verschillen tussen geloven die niets met elkaar te maken hebben. De Islam kent de Shi’ieten en de Soennieten, die elkaar al ongeveer 1300 jaar bestrijden. De verschillende Joodse geloofsfracties haten elkaar eveneens grondig, al sinds Oud-Testamentische tijden. Het Christendom, sedert 1053 ruwweg onderverdeeld in twee takken, het Latijnse en het Oosters-Orthodoxe Christendom, is al niet veel beter. En het Latijnse Christendom leidde ook weer tot ruzie en scheuren, en was tot voor kort strikt (ook politiek) onderverdeeld in de katholieken en de verschillende protestante groepen. En die protestanten gingen onderling ook weer ruziemaken. Zo ontstonden, onder andere, Lutheranen en Calvinisten. En de Calvinisten vielen ook weer uiteen en een beperkt groepje onder hen staat nu nog steeds bekend als de Gereformeerden. Klein in aantal, maar groot in invloed. Enkele voorbeelden van invloedrijke Gereformeerden: Peter Balkenende, sinds zijn studententijd beter bekend als Jan Peter Balkenende (CDA), Gerrit Zalm (VVD) en Wouter Bos (PvdA).

Onkreukbaar imago

En nu komt de crux. Gereformeerden liggen niet zo goed in Frankrijk. Na de Bloedbruiloft (1572) is het nooit meer goed gekomen met de protestanten in dat land, terwijl Jean Calvin toch echt een Fransman was. Er zijn verschillende smerige oorlogen gevoerd om de lastige protestanten uit te roeien in het katholieke Frankrijk. Tegenwoordig zijn er nog enkele dorpjes in de Cevennes waar gereformeerden hun toevlucht hebben gezocht. Protestanten staan in Frankrijk nog altijd bekend als onkreukbaar en integer. Geen slecht imago dus, maar niet zo handig als je een simpele marionet zoekt die geen eigen mening heeft. De Franse voormalige protestante premier Lionel Jospin (van 1997 tot 1992), bekend om zijn integriteit, lag voortdurend in de clinch met de katholieke en corrupte Jacques Chirac, en op een tweede Jospin op EU-niveau zat Sarkozy niet te wachten. Die wil gewoon katholieke volgzaamheid en ‘bling bling’.

Niet geliefd bij Lutheranen

Tegelijkertijd hebben ook de Lutheranen zoals Angela Merkel niet zoveel op met hun mede-protestanten. Maarten Luther wilde eigenlijk helemaal geen breuk met de katholieke kerk, slechts een hevorming van de bestaande kerk. Lutheranen houden van ceremonie en hebben dan ook weinig op met het de soberheid van het Calvinisme.

 Op naar de volgende katholiek

In het jaar 2009 zijn de verschillen tussen katholiek en protestant nog steeds op de achtergrond aanwezig. Godsdienst speelt nog steeds een grote rol voor de huidige generatie politici. Misschien niet officieel, maar gevoelsmatig wel. Dit zijn diepe sentimenten die vaak worden vergeten, maar die een zeer grote rol spelen in het politieke spel. Geen wonder dat een plooibare en volgzame katholiek als Jose Manuel Barroso het zo goed doet in Europa ondanks het feit dat hij ooit communist was. Nu is de beurt aan de humanistisch ingestelde Vlaamse katholiek Van Rompuy om Europa te vertegenwoordigen. Tot de volgende katholiek weer aan zet is.

Peter Bruns

 

Tora Bora, Rome en Moskou

colosseum     

De oorlog in Afghanistan begint steeds meer trekken te vertonen van een tweede Vietnam. Obama had de aanwezige troepen al verdubbeld en de generale staf heeft vorige week een extra versterking van 40.000 tot 45.000 troepen gevraagd. Alarmerende geluiden. Terwijl de troepen worden aangevuld, wordt tegelijkertijd steeds vaker gezinspeeld op een strategische terugtrekking in plaats van een eindoverwinning. Een nieuw rapport van de Democratische staf van het ‘Senate Foreign Relations Committee’ beschrijft dat de Amerikanen op het punt stonden de leider van Al Qaida te doden. In december 2001 was Bin Laden in de val gelokt in Tora Bora. Zijn testament had hij alvast opgemaakt.

Strategische fout

Te trage actie aan Amerikaanse kant, en vooral een strategische blunder van Donald Rumsfeld heeft volgens het rapport de uitschakeling van Bin Laden op het laatste moment verijdeld. In dat geval een gemiste kans, want zo kort na de de september-aanslagen van 2001 was de publieke opinie in de wereld nog geheel op Amerikaanse handen. Bin Laden is 8 jaar later nog steeds niet getraceerd. Waarom hebben de Amerikanen op dit cruciale moment niet adequaat gehandeld? Daarover zal nog jarenlang worden gespeculeerd.

Een theorie

Hoewel er allerlei oorzaken kunnen zijn, die ik uiteraard niet ken, speelt misschien en aloud psychologisch verschijnsel een rol. Niet geheel maar misschien een beetje. Mijn theorie luidt als volgt. Misschien was het Amerikaanse talmen op dat cruciale moment een vorm van angst voor de overwinning. Dit soort angst ontstaat vaak in een kritieke situaties waarin het onmogelijk geachte, opeens binnen handbereik ligt, en dat lijdt tot angstgevoelens. Met verstarring en inertie als gevolg. Men heeft lang ergens naar toe geleefd, en opeens is het moment daar. Het is nu of nooit. Soms kiezen mensen in die stresssituatie voor ‘nooit’. Vaak roepen die mensen dan achteraf ‘ach, het was me toch nooit gelukt’. Uit het dagelijkse leven kent iedereen welke zulke voorbeelden , maar ook in de militaire geschiedenis is dit verschijnsel niet onbekend. De vijand is in de eigen ogen onverslaanbaar, en wordt hard bevochten. Maar zodra de overwinning aan de horizon gloort, komt de twijfel. Ten minste twee keer eerder in de geschiedenis maakten opperbevelhebbers zo’n strategische fout. Als daarvan een precedentwerking uitgaat, ziet het er niet goed uit voor het verloop van de nu al desastreuze oorlog. Hieronder de voorbeelden. De overeenkomsten met Tora Bora zijn frappant.

de Romeins-Carthaagse oorlogen

Een geniale strateeg in de geschiedenis, die op alle militaire scholen ter wereld wordt aangehaald als sprekend voorbeeld is Hannibal. Uiteraard niet Hannibal Lector, maar de Carthaagse verldheer Hannibal Barkas (247 v. Chr – 183 v. Chr.). Rome en Carthago waren in de derde eeuw voor onze jaartelling uitgegroeid tot grootmachten in de westelijke Middellandse zee. Er onstond zelfs een soort koude oorlog tussen de twee steden. In de Tweede Punische oorlog trok Hannibal met zijn leger voorzien van olifanten, vanuit het huidige Spanje naar Italië over de Pyreneeen en de Alpen Italie binnen.  Het was een verrassingsoorlog zoals nooit tevoren vertoond. De Romeinen waren compleet van hun stuk. In Italië behaalde de Carthaagse veldheer grote overwinningen, met als wreed hoogtepunt de Slag bij het Trasimeense meer, waar het Romeinse leger verpletterend werd verslagen. Rome was nu kwetsbaar als een open wond een haar inwoners beefden van angst.

Hannibal valt Rome niet binnen

Toen gebeurde iets vreemds. Hannibal bleef maar om Rome heencirkelen. Op een of andere manier kon of wilde hij Rome zelf niet belegeren. Hannibal bleef de komende 16 jaar rondzwerven  in Zuid-Italië, tot hij uiteindelijk werd teruggeroepen naar Carthago om het vaderland te verdedigen. De Romeinen hadden inmiddels al hun vloot klaarliggen voor de kade van Carthago. Het is nooit echt duidelijk geworden waarom Hannibal de Romeinse hoofdstad zelf niet heeft aangevallen hoewel hij vele kansen had om de stad binnen te vallen. Angst voor de overwinning? Hoe het ook zij, Rome won de oorlog uiteindelijk en vernietigde in een volgende oorlog Carthago volledig. De Romeinen strooiden zout in de straten van de stad, opdat er nooit meer iets zou groeien.

de Tweede Wereldoorlog

Begin oktober 1941 leek het erop dat Duitsland en Japan de Tweede Wereldoorlog zouden gaan winnen. De Verenigde Staten wilde niet meedoen en alleen Groot-Brittannie bood nog weerstand. Het Duitse leger was tot diep in Rusland doorgestoten, en bevond zich al in de voorsteden van Moskou. Midden oktober 1941 lag Moskou er angstig bij. De mensen die niet konden vechten waren al uit de stad weggebracht. Er waren geruchten dat Stalin zelf de stad zou gaan verlaten. Zelfs de berucht wrede chef van de geheime dienst Beria had de hoop opgegeven en riep in vertwijfeling ‘ze zullen ons als konijnen neerknallen’. De Duitse persdienst kondigde al aan dat Rusland verslagen was.

Richard Sorge brengt het verlossende bericht

In werkelijkheid waren de Duitse troepen al uitgeput. Stalin vernam op dat cruciale moment van zijn spion Richard Sorge dat Japan het plan had opgegeven om Rusland aan te vallen. Zo kon hij rekenen op al zijn Siberische troepen. Stalin hervatte moed. Het cruciale moment was verstreken en Moskou viel uiteindelijk niet. Richard Sorge wordt wel de eigenlijke redding van Rusland genoemd in die bange dagen.

 Tweede mogelijkheid

Later, in het voorjaar van 1942 hadden de Duitsers een tweede kans en trok de Wehrmacht weer richting de stad. Maar Hitler maakte, tegen de wil van zijn generaals in, een strategische blunder door zijn plotselinge besluit het leger op te splitsen in twee delen en eerst naar de olievelden in de Kaukasus op te trekken. Moskou kon wachten. Waarom deed Hitler dit? Misschien was het onbewuste faalangst. Misschien ook niet. Het Duitse leger voerde daarna offensief na offensief uit, maar werd langzaam verdreven van het Russische grondgebied in een van de meeste gruwelijke oorlogen ooit. De Sovjets, in wreedheid bijna even erg als de Duitsers, hadden inmiddels geleerd en kenden, hun geweten in wodka verdronken, geen angst voor de overwinning. Zij trokken voor een tweede maal in de oorlog verkrachtend door Polen, voorts Pommeren om uiteindelijk Berlijn tot aan de grond te verwoesten en de hamer en sikkel te planten op de Brandenburger Tor.

Lessen voor het heden?

Laten we hopen dat hetzelfde scenaro niet in Afghanistan plaatsvindt. Als de voorbeelden in de geschiedenis een precedent vormen, zullen de extra troepen die nu worden ingezet geen wezenlijk verschil meer uitmaken voor de uitkomst, en alleen nog maar meer doden opleveren in een verloren oorlog. Het cruciale moment, nu al 8 jaar geleden, is immers al verstreken. Tora Bora is niet gevallen. Obama begreep al voordat hij President werd dat een belangrijk moment was gemist daar in die koude bergen van Afghanistan in december 2001. Hij schreef hierover zelfs expliciet in ‘the Audacity of Hope’. Laten we hopen dat hij als President nu de juiste beslissing kan maken en hij niet net als Hannibal, nog 16 jaar na het cruciale moment mensenlevens verloren laat gaan tot hij wordt teruggefloten om zijn eigen land te redden van toekomstige terroristen van eigen bodem. Het is maar een theorie, dit stukje. Maar laten we hopen eentje die niet bewaarheid wordt.

Bronnen:

http://www.cnn.com/2009/POLITICS/11/29/bin.laden.2001/index.html

Tweede Wereldoorlog: Vladimir Fedorovski, ‘Le Fantome de Stalin’, 2007

 

 

De blinde vlek van de kosmocraten

nails ball 

In het jaar 2000, bijna tien jaar geleden en bijna in een onschuldigde wereld, verscheen het bekende boek ‘A Future Perfect: The Challenge & Hidden Promise of Globalisation’. Daarin werd beschreven hoe langzamerhand een nieuwe elite aan het ontstaan was, de zogeheten ‘Cosmocrats’ (hierna: Kosmocraten). Deze moderne, mondiale elite kenmerkt zich door een ‘global lifestyle’ en transnationale interessegebieden. Deze heterogene groep is meritocratisch ingesteld omdat geld nu eenmaal handig is. De gemiddelde kosmocraat heeft meer interesse in mondiale dan lokale ontwikkelingen. Hij kijkt ver over de eigen landsgrenzen heen en kijkt heimelijk neer op de in zijn ogen nogal bekrompen lokalen, in het bijzonder die in eigen land.

Wereldburgers

De kosmocraat ziet zichzelf meer als wereldburger en niet als integraal deel van een lokaal gebonden groep. Kosmocraten lezen liefst de ‘Economist’, zijn goed geinformeerd over van alles, zodra het niet te diepgravend wordt en eclectisch maar tamelijk oppervlakkig in hun culturele interesse. Ze houden van ‘Putumayo’-muziek en andere wereldmuziek mits die niet te traditioneel klinkt, want dat is weer te ingewikkeld. Klassieke muziek mag, maar niet teveel graag. Maar ook Andre Hazes is zeer geliefd want die is ‘camp’. De kosmocraat spreekt Engels met een zo Amerikaans mogelijk accent, reist de wereld over en beschouwt die als een soort groot cultureel pretpark. Raften in Vietnam, hiken in Bolivia, gastgezin in Zuid-Afrika of juist lekker cocoonen met een goed glas wijn op Vlieland, het kan allemaal. En de lokale bevolking is leuk om als ‘couleur locale’ te dienen. Om als aspirant-kosmocraat aan te tonen dat je voldoet aan de toegangseisen van deze elite, is het altijd goed om zoveel mogelijk buitenlandse vrienden te maken, en deze toe te voegen als vriend op Hyves of Facebook. En sparen voor een liefst Amerikaanse MBA, het zwemdiploma B voor deze elite.

Geen spruitjesgeur 

Hoe staat deze groep ervoor bijna 10 jaar na hun ’ontdekking’? Uitmuntend.

De president van de Verenigde Staten, Obama, is de belichaming van de kosmocratische ‘global lifestyle’. En hij is toch maar president van het machtigste land ter wereld geworden. Van deels Afrikaanse afkomst maar toch een Amerikaan, opgegroeid in Hawaii en Indonesie, een beetje christen en toch ook een beetje moslim. Van alles wat, en dat doet het goed bij de andere kosmocraten. In ons eigen land is prinses Maxima een goed voorbeeld, of prinses Laurentien (voorheen ‘Petra’). Opgegroeid en opgeleid in verschillende landen, voelen zich zich betrokken bij internationale kwesties, en eigenlijk is iedere goede zaak in orde, zolang het maar exotisch genoeg is en niet teveel naar spruitjesgeur ruikt. Want geen kosmocraat die zit te wachten op het helpen van ouderen in verzorgings-tehuizen in Alsmeer of onstpoorde jongeren in Amsterdam-West. Dat is gewoonweg niet ‘sexy’. In het Nederlandse ’debat’ over de schaduwzijden van de globalisering is Alexander Pechtold bij uitstek de meest kosmocratisch ingestelde politicus. Hij ziet de globalisering (eigenlijk: mondialisering) niet als een probleem maar als een uitdaging. Hij is de typerende cultuurrelativist. Zoals het een goed cultuurrelativist betaamt kijkt hij heimelijk met een zeker dedain neer op al die stumpers die het niet hebben begrepen. Een D66-standpunt over de Armeense genocide? Overbodig. Wilders? Kijk eens wat een bekrompen mannetje. Daar staat hij, als redelijk denkend mens ver boven en hij laat het blijken ook.

Blinde vlek

Nu is het natuurlijk helemaal niet zo erg dat de goedbedoelende kosmocraten zich met goede zaken bezig willen houden. Alle lof voor serieuze initiatieven en goede intenties. Maar wat de kosmocraat vaak niet begrijpt, is hoe de traditionele mens denkt. Omdat de kosmocraat ver afstaat van de lokaal gebonden mens, kan hij zich niet inleven in diens penibele situatie. De lokale bekrompen stumper denkt vanuit zijn eigen traditie, en die wordt van alle kanten bedreigd door de globalisering. Van Talibaan tot de PVV, allen voelen zich in hun eigen identiteit bedreigd. Redelijkheid is niet waar die mensen op zitten te wachten. Dat is ook de reden waarom het Nederlandse leger met het bouwen van scholen in Afghanistan de ‘hearts and minds’ niet wint, maar alleen maar nog meer haat oproept. De Afghanen moeten ons gewoon niet. Zo simpel is het. De kosmocraten zoals Pechtold zullen zich moeten inleven in die diepgewortelde sentimenten, en dat doende zullen zij zich grondig moeten verdiepen in de complexe achtergrond van die mensen. En dat gaat verder dan het lezen van een paar artikelen op wikipedia of het lezen van de ‘Economist’.

Weerbarstige lokale realiteit

Obama, een echte kosmocraat, maar dan wel een zeer veelzijdige en met intellectuele diepgang, sprak mooie woorden tijdens de volksopstand in Iran in juni 2008. Hij haalde zelfs de Iraanse dichter Hafez aan, en sprak daarmee veel jongeren aan. Een mooi gebaar. In ieder geval beter dan zijn voorganger, de Olifant in de porseleinkast Bush. Maar is het voldoende? Iran lijkt zich weinig aan te trekken van de uitgestrekte hand van Obama, hoewel deze gelukkig intelligent genoeg is om te beseffen dat naast mooie woorden ook Realpolitik nodig is. De echte uitdaging voor de minder veelzijdigen onder de kosmocraten, zoals Pechtold, is dan ook om in te zien dat niet iedereen de globalisering evenzeer verwelkomt als zijzelf, en dat er geen generieke oplossingen zijn voor lokale problemen in een grillige wereld.

Peter Bruns

123456

Enseigner l'histoire au cyc... |
Anglais pour non-spécialist... |
videohistgeo6eme |
Unblog.fr | Annuaire | Signaler un abus | Le Lensois Normand
| Padiri Joseph FRAIPONT NDAG...
| cartes postales du morbihan